Verduurzamen van de voedselketen

Creative City Lab 2012-2013 heeft als thema: ‘Het verduurzamen van de voedselketen’. Binnen het lab wordt onderzoek gedaan naar creatieve en duurzame oplossingen voor de meest urgente en impactvolle problematiek binnen dit thema.

Het ontwerp van onze huidige mondiale voedselketen is niet duurzaam en de oorzaak van de versnelling van de problematiek wereldwijd; er is sprake van toenemende honger, droogte, uitputting van onze bodem en stijgende voedselprijzen. Tegelijkertijd gaat overconsumentisme ten koste van onze gezondheid. We zijn toe aan een totale herijking en herontwerp van onze internationale voedselketen. Creative City Lab richt zich in 2012 op het ontwikkelen van nieuwe verdienmodellen voor duurzame gebiedsontwikkeling, waarbij voedsel de drager vormt.

Lees meer

De urgentie van het thema

De transitie naar een mondiale duurzame voedselketen is cruciaal

Het ontwerp van onze huidige mondiale voedselketen is niet duurzaam en de oorzaak van de versnelling van de problematiek wereldwijd; er is sprake van toenemende honger, droogte, uitputting van onze bodem en stijgende voedselprijzen. Tegelijkertijd gaat overconsumentisme ten koste van onze gezondheid. We zijn toe aan een totale herijking en herontwerp van onze internationale voedselketen. De transitie naar een duurzame keten is een absolute noodzaak, niet alleen vanwege ons eigen welzijn maar ook voor dat van vele andere bevolkingsgroepen en voor het behoud van onze nu nog groen en ‘vruchtbare’ planeet.

Het lokale antwoord: zelfvoorziening en lokale duurzame voedselketens

Meer dan de helft van onze wereldbevolking woont in steden, de verwachting is dat zal oplopen tot driekwart in 2050. Om voedselzekerheid te garanderen en de steeds groter wordende stedelijke bevolking van voedsel te voorzien besteden steeds meer gemeenten en provincies aandacht aan het verwezenlijken van een lokale en/of regionale voedselketen. Het verduurzamen van gebieden en steden is een ontwikkeling die zich parallel hieraan ontwikkelt. Vanuit deze (hernieuwde) behoefte hebben nieuwe concepten als ‘Stadslandbouw’ (de landbouw in de stad halen) of de ‘Parksupermarkt’ (stedelingen naar het platteland halen) hun intrede gedaan. Voorbeelden hiervan zijn vertical farming, individuele moestuinen, kassen die voedsel- en energie produceren in de stad, en professionele duurzame voedselproductie en distributie aan de randen van de stad. Het innovatielab 2012 speelt in op deze ontwikkelingen.

De centrale vraagstelling en opzet van het lab 2012

De centrale vraagstelling waar het lab zich over buigt is: ‘Het (her)ontwerpen van een lokale duurzame voedselketen in een specifiek afgebakende omgeving in de Regio Amsterdam – vanuit een mondiale context.’

In het gekozen gebied – een groen oksel van de stad, van stadsbewoners tot buitengebied – worden verschillende aspecten van de voedselketen mee ontworpen. Hierbij is de wens om zoveel mogelijk zelfvoorzienend te zijn. Omdat onze voedselketen internationaal is vormgegeven, hebben wij te maken met de bijbehorende problematiek en mogelijke internationale oplossingen. Het succesvol ontwerpen van een duurzame keten in een bepaalde omgeving kan derhalve alleen binnen een mondiaal perspectief gebeuren. Ook moet de afweging worden gemaakt welke delen van de keten centraal (bijvoorbeeld door middel van een distributiecentrum) en welke decentraal moeten worden ingevuld. Bij het succesvol ontwerpen van een lokale duurzame keten wordt uitgegaan van wat op dit moment haalbaar en gewenst is in die specifieke omgeving. Daarbij blijft telkens de vraag wat impactvol is en op termijn daadwerkelijk optimaal bijdraagt aan een duurzame planeet.

De problematiek van de voedselketen wereldwijd

De wereldbevolking en de stijgende vraag naar voedsel

Voedsel is een thema dat iedereen aangaat, iedere dag. Feit is dat onze voedselketen in de afgelopen decennia internationaal is vormgegeven. De problematiek in de voedselketen wordt steeds groter en treft daarmee verschillende sectoren, landen en bevolkingsgroepen, hetgeen wordt versterkt door de relatie tussen voedsel, energie en water. Door de stijgende wereldbevolking (9,4 miljard in 2050) zal de vraag naar voedsel, energie en water blijven stijgen. Door toenemend consumentisme in westerse landen, de steeds grotere variatie in voedsel en veranderende diëten zal de vraag naar voedsel zelfs verdubbelen.

Waterschaarste, nieuwe energiebronnen en een uitgeputte aardbodem

Hoewel de vraag naar voedsel toeneemt, zal er door klimaatverandering en de stijgende temperaturen meer droogte zijn wereldwijd (en overstromingen op andere plaatsen) waardoor de productie van grondstoffen en voedsel juist afneemt. Het recent uitgebrachte Global Water Scarcity rapport (UT) toont aan dat de verdroging door landbouw wereldwijd extreem is en dat de gemiddelde wereldburger door de consumptie van voedsel, drank en kleding 2,5 keer meer grond en oppervlaktewater gebruikt dan duurzaam beschikbaar is. Het gevolg is dat het waterniveau in rivieren en meren wereldwijd daalt. Nu worden oliehoudende gewassen als katoen en granen in warme gebieden geteeld waar veel irrigatie nodig is en worden gewassen voor de bio-energie in natte gebieden geteeld die juist minder water nodig hebben. Samengevat is onze voedselketen niet ingericht op duurzaam waterbeheer, terwijl water steeds schaarser wordt. Aan de andere kant wordt voor de productie van biobrandstoffen kostbare landbouwgrond gebruikt voor het opwekken van nieuwe (‘duurzame’) energie. Door droogte, intensieve landbouw, het ontstaan van monoculturen en ontbossing blijkt dat de toplaag van onze vruchtbare aardbodem met 1% per jaar afneemt.

Voedselonzekerheid en stijgende prijzen

Door bovengenoemde ontwikkelingen hebben voedselproducenten steeds meer moeite om aan betrouwbare voedselleverantie te voldoen en zullen de prijzen voor grondstoffen en voedsel stijgen. Aannemelijk is dat deze prijzen decennia lang te laag zijn geweest omdat er nooit is nagedacht over een duurzame strategie voor de voedselketen en duurzame investeringen in de bevolking van arme landen, grondverbetering en betere irrigatie technieken.

Honger en overdaad

Het feit dat landbouwgronden in landen als Afrika ook worden gebruikt voor de voedselproductie (van o.a. sojateelt) voor dieren elders, zullen de voedseltekorten voor armere lagen uit de wereldbevolking verder vergroten. De ongelijkheid door de ontwikkeling in de voedselketen wordt steeds groter doordat grootindustriëlen, om aan de westerse behoefte te voldoen, de kleine boeren verdringen – en daarmee hun basis om in het eigen onderhoud te voorzien. Op dit moment leiden reeds een miljard mensen in de wereld aan honger en/of ondervoeding en dat zal door de stijgende wereldbevolking en voedselprijzen alleen maar meer worden. Dit terwijl er tegelijkertijd meer dan anderhalf miljard mensen wereldwijd leiden aan obesitas. De strijd om de aandacht en beurs van de consument heeft ertoe geleid dat het aantal producten in het schap explosief is toegenomen. Er is een groeiende stroom bewerkte en samengestelde producten op de markt gekomen die elk mogelijk consumptie moment of doel proberen uit te nutten. Van gemaksproducten tot ‘gezonde’ voeding (door allerlei toevoegingen). Blijkbaar heeft een groot deel van de wereldbevolking de verleiding niet kunnen weerstaan, zonder de gevolgen goed in te kunnen schatten.

Kern van de problematiek; overconsumentisme, industrialisatie & exploitatie

Het hierboven beschreven schrille contrast legt de kern van de problematiek van onze huidige voedselketen bloot; overconsumentisme, industrialisatie en exploitatie van gebieden, grondstoffen, water, grond en volkeren. Zonder dat wij ons dat vaak ten volle bewust zijn, juist omdat de elkaar onderling versterkende relaties (van voedsel, water en energie) niet voor iedereen zichtbaar zijn.

Deelvragen en onderzoeksgebieden die wij overwegen

Op basis van marktonderzoek en gesprekken in de keten komen een aantal subthema’s of onderzoeksgebieden boven drijven die veel aandacht vragen en waarvan wij het signaal krijgen dat binnen deze thema’s impactvolle oplossingsrichtingen te vinden zijn.

In samenwerking met partners worden deze deelonderzoeken uiteindelijk definitief bepaald. De deelnemers zullen vervolgens in multidisciplinaire teams binnen de verschillende onderzoeksgebieden werken aan de centrale vraagstelling. In de analyse fase (eerste 2 maanden van het lab) wordt vanuit een subthema gezocht naar impactvolle oplossingsrichtingen. Daarna zal in de creatie- en realisatiefase worden gewerkt aan kansrijke ideeën en haalbare business cases. Mogelijke subthema’s zouden kunnen zijn:

  • Kansrijke en impactvolle stadslandbouw en de parksupermarkt concepten
  • Effectieve consumenten informatie & educatie over gezond en duurzaam voedsel
  • Productie, logistiek en distributie methoden, met minimaal effect op het klimaat en het milieu
  • Duurzame verpakkingen
  • Het verminderen van voedselverspilling